papegaaien.net
Startpagina Papegaaien.net Papegaaien Lori's Kaketoes Pionussen Ara's Edelpapegaaien Caiques Ziekten Papegaai als huisdier Vogelboeken

Forum vogelproblemen

Papegaaien en parkieten handboek 2013

De nieuwe editie van het Papegaaien en parkieten Handboek van auteur Adri van Kooten en co-auteurs Heinz Schnitker en Herman Kremer is uit. De zeer uitgebreide editie bestaat uit 2 delen (Totaal 864 pagina’s) in een cassette en is nu te bestellen op deze website.  

Klik hier om de boeken te bestellen.

Zwartkopcaique - Pionites melanocephalus

Pionites melanocephalus


Zwartkopcaique


Ondersoorten

Pionites melanocephalus melanocephalus - zwartkopcaique

Pionites melanocephalus pallidus - bleke zwartkopcaique


Pionites melanocephalus melanocephalus


Zwartkopcaique


Formaat: 23 cm. Ringmaat: 7 mm.

Man en pop: geen uiterlijk verschil. De hoofdkleur is groen. Het voorhoofd, de schedel en de nek zijn zwart. De teugel en de tekening onder het oog zijn groen. De wangen, de hals en de nekband, de dijen en de flanken zijn oranje. De borst

en de buik zijn wit tot crèmekleurig. De handpennen zijn violetblauw. De staart is aan de onderzijde olijfgeel en heeft aan de uiteinden een gele punt. De snavel is zwart. De naakte oogring is donkergrijs. De iris is rood en de poten zijn donkergrijs.


Pionites melanocephalus pallidus


Bleke zwartkopcaique


Formaat: 23 cm. Ringmaat: 7 mm.

Man en pop: als de nominaatvorm, maar alle oranje gekleurde veervelden zijn bij deze ondersoort geel. De buik en de borst zijn witachtig van kleur.


Herkomst, leefwijze en status

P. m. melanocephalus: het zuidoosten van Colombia, een groot deel van Brazilië, het noordoosten en het zuiden van Venezuela, Guyana en Suriname.

P. m. pallidus: Zuid-Colombia, zuidwaarts tot Noordoost-Peru en Oost-Ecuador.

Naar alle waarschijnlijkheid komen zwartkopcaiques alleen voor ten noorden van de Amazone. Ze leven tot op hoogten van 1.000 m in bosgebieden in het binnenland en langs de kust, maar ook bewonen ze savannen met boombestanden.

Buiten de broedtijd leven ze in familieverband of in groepen van 30 of meer. Ze houden zich hoofdzakelijk op in de kruinen van hoge bomen waar ze zich tegoed doen aan het beschikbare voedsel. Bij onraad vliegen ze luid krijsend weg.

Voeding van caiques


Caiques zijn in belangrijke mate fruit- en groeneters. Als basisvoeding dienen daarom fruit (appel, sinaasappel, banaan, kiwi, vijgen e.d.) en allerlei groenten en onkruiden (sla, spinazie, andijvie, wortelen, vogelmuur e.d.) Gegeven te worden. Als aanvulling hierop kan een grof zaadmengsel voor parkieten worden verstrekt, aangevuld met maiskolven in halfrijpe toestand. Ook walnoten, zonnebloempitten (met mate), boekweit, lijnzaad, haver, witzaad, trosgierst en kiemzaad worden op prijs gesteld. Verder mag niet worden vergeten de vogels van tijd tot tijd verse wilgen- en fruittakken te geven. Hier zullen ze de bladknoppen van eten; de schors zal worden gebruikt voor de bekleding van het nest.


Huisvesting van caiques


De volière dient een minimale lengte te hebben van 2,5 m, een breedte van 1 m en een hoogte van ca. 2 m. Verder moeten de caiques kunnen beschikken over een goed af te sluiten droog, tocht- en vorstvrij nachtverblijf. Dit moet ongeveer een afmeting hebben van 2 x 1 x 2 m (lxbxh). Ook moeten ze het hele jaar door kunnen beschikken over een dikwandig nestblok omdat ze hier de nachten in doorbrengen.

Als aan al deze voorwaarden wordt voldaan is een verwarming niet echt nodig. Omdat ze graag klauteren, springen en klimmen dienen in de volière klimbomen en ander klimgerei te worden aangebracht.


Kweken met caiques


Caiques hebben een voorkeur voor een horizontaal blok. Dit dient ongeveer 35 cm lang en 15 cm in het vierkant te zijn. Het invlieggat moet ongeveer een diameter hebben van 7 cm. Voor het nestmateriaal kunnen verse wilgen- en fruittakken

worden gegeven. Sommige vogels halen hier namelijk de schors af en gebruiken die voor de bekleding van het nest. Andere doen dit echter niet, en leggen de eieren simpel in een hoekje. De broedtijd ligt in ons land zo rond april, soms nog eerder.

De pop legt drie tot vijf eieren. De broedduur bedraagt 23 tot 25 dagen, afhankelijk van het tijdstip waarop de pop vast op de eieren is gaan zitten. De jongen vliegen op een leeftijd van negen tot tien weken uit. Ze zijn dan nog zeer onhandig

en kunnen beter klimmen en klauteren dan vliegen. De eerste weken na het uitvliegen worden ze nog (bij)gevoerd door de oudervogels. Drie weken nadat ze zijn uitgevlogen zijn ze zelfstandig. In het algemeen valt met de zwartkopcaique moeilijker te kweken dan met de witbuik.


A. van Kooten




Terug naar Index  Caiques


Terug naar startpagina


papegaaien.net