PAPEGAAIEN.NET

Wijnborstamazone

Wijnborstamazone; Amazona vinacea

Wijnborstamazone – Amazona vinacea

Wijnborstamazone; Amazona vinacea

Wijnborstamazone – Amazona vinacea

Wijnborstamazone – Amazona vinacea

Verspreiding:

De Wijnborstamazone papegaai kent zijn verspreidingsgebied in het zuiden van Brazilië, het noorden van Argentinië en het oosten van Paraguay.

 Ondersoorten:  Geen.

Grootte:  30 cm.

Geslachtsonderscheid:

In algemene zin zijn de mannen vaak wat forser dan de poppen. Toch kan hier niet blind op gevaren worden, er zijn namelijk ook poppen die flink uit de kluiten gewassen zijn. De betrouwbaarste manier van geslachtsbepaling is die van endoscopisch- en of DNA (veer)onderzoek.

Karakter:

Over het algemeen raakt de wijnborstamazone papegaai niet zo snel vertrouwd met zijn verzorger(s) als andere amazonepapegaaien. Ook zijn ze vaak wat wantrouwender van aard.

 Geslachtsrijpheid:

Wijnborstamazones zijn over het algemeen op een leeftijd van 3 tot 5 jaar geslachtsrijp. Er zijn echter gevallen bekend van vogels in gevangenschap die na 2 jaar al vruchtbaar bleken. In het wild beginnen ze echter meestal te broeden op een leeftijd die zo rond de 5 jaar ligt. Het feit dat ze geslachtsrijp zijn wil echter nog niet zeggen dat ze dan ook tot broeden overgaan. Nee, in veel gevallen moet de kweker over een behoorlijke portie geduld beschikken. Zo zijn gevallen bekend waarbij de vogels pas na 7 jaar of langer (en soms helemaal niet) tot broeden overgingen. De oorzaak hiervan is in vele gevallen niet te achterhalen, hoewel ik zelf vermoed dat omgevingsfactoren en de voeding hier een (zeer) belangrijke rol in speelt.

De voeding in gevangenschap

De dagelijkse voeding voor amazonepapegaaien en dus ook voor wijnborstamazones dient grofweg uit drie (gelijke) delen te bestaan:

  1. een goed zaadmengsel voor papegaaien.
  2. een mengsel van kiemzaad, eivoer en universeelvoer. Geef dit in een verhouding van 2 delen kiemzaad (droog!), 2 delen eivoer  en 1 deel universeelvoer. Nadat het kiemzaad is geweekt kan hier het eivoer en het universeelvoer door gemengd worden. Verder is het verstandig twee keer per week, ondanks dat de vogels er ook vrij over moeten kunnen beschikken, scherpe maagkiezel en oesterschelpengrit door het kiemzaad te mengen.
  3. een mengsel van fruit (appel, peer, sinaasappel) en groenvoer (o.a. wortel, tomaat, witlof e.d.).

Ook kan bijvoorbeeld 2 keer per week een nat gemaakt en uitgekneed snee bruinbrood gegeven worden. Vooral als er jongen zijn wordt hier graag van gegeten. Verder dienen de vogels dagelijks vers drinkwater aangeboden te krijgen waaraan eenmaal per week een mutivitamine kan worden toegevoegd.

 Kweek:

Een goed onderkomen voor deze papegaaien is bijvoorbeeld een binnenvolière van 2x1x2 meter (lxbxh) met daarin een nestkast met een bodemoppervlak van 25 x 25 cm. en een hoogte van 60 cm. Bij voorkeur heeft de binnenvoliere nog een buitenvoliere met een afmeting van bijvoorbeeld 3×1,5×2,5 meter. Als nestmateriaal dient een mengsel van potgrond en houtspaanders in het blok te worden aangebracht. Als de vogels broedrijp beginnen te worden, meestal zo rond maart/april, begint het gedrag van beide vogels te veranderen. Beide vogels worden dan luidruchtiger en agressiever. Vaak al bij het benaderen van de volière zullen de vogels agressief reageren op de verzorger(s). Om de verzorger(s) te imponeren gaat dit veelal gepaard met het uitvoeren van schijnaanvallen en in extremere gevallen springen de vogels tegen de tralies van de volière. In deze periode zal de man ook de pop beginnen te voeren, hetgeen een duidelijk teken van broedrijpheid is. Beide vogels zullen nu ook duidelijke interesse gaan tonen voor het broedblok in de volière en het duurt dan vaak niet lang of de vogels zitten regelmatig met hun beiden in het broedblok. Vaak is bij de pop aan een dikker wordend achterlijf te zien dat er eieren op komst zijn. De eieren worden om de dag gelegd, gemiddeld ongeveer 4. Veelal begint de pop na het leggen van het 2e ei te broeden. Ze zal dan ook niet te vaak meer uit het nestblok komen. Als de eieren bevrucht zijn zal na ongeveer 29 dagen het eerste jong geboren worden. Voor de verzorger(s) wordt het nu nog moeilijker om de vogels te benaderen. Op een leeftijd van 14 dagen moeten de jongen geringd worden met een vaste voetring van 11 mm. Naarmate de jongen ouder worden, lijken de ouderdieren nog agressiever te worden. Vooral als de jongen in de hand worden genomen door de verzorger(s) zal de opwinding cq. agressie groot zijn. Belangrijk in deze periode is het verstrekken van voldoende voedsel want naarmate de jongen groeien dient er steeds meer voedsel verstrekt te worden. Op een leeftijd van ongeveer 60 dagen vliegen de jongen uit om daarna nog 4 tot 6 weken (bij)gevoerd te worden door de ouders alvorens ze zelfstandig zijn.

A. van Kooten

Terug naar Index  papegaaien